Bipolaire stoornis - DSM-TR

Meer informatie
No items found.

Manische episode


Een manische episode is een duidelijk afgrensbare periode van abnormaal en aanhoudend verhoogde, expansieve of prikkelbare stemming, gepaard gaand met een duidelijke toename van energie of activiteit. De symptomen duren minimaal één week (of korter wanneer opname noodzakelijk is). De episode leidt tot duidelijke beperkingen in sociaal of beroepsmatig functioneren, kan psychotische kenmerken bevatten of maakt opname noodzakelijk. De symptomen zijn niet het gevolg van middelengebruik of een somatische aandoening.Tijdens deze periode zijn minimaal drie van de volgende symptomen aanwezig (vier wanneer de stemming uitsluitend prikkelbaar is):

  • verhoogd gevoel van eigenwaarde of grootheidsideeën
  • verminderde slaapbehoefte
  • spraakzamer dan gebruikelijk of spreekdrang
  • gedachtevlucht of subjectief gevoel van versnelde gedachten
  • verhoogde afleidbaarheid
  • toename van doelgerichte activiteit of psychomotorische agitatie
  • overmatige betrokkenheid bij activiteiten met een hoog risico op negatieve gevolgen (bijv. impulsieve uitgaven, risicovol gedrag)

Hypomanische episode

Een hypomanische episode lijkt op een manische episode maar is milder van ernst. Er is een duidelijk afgrensbare periode van verhoogde of prikkelbare stemming en toegenomen energie of activiteit die minimaal vier opeenvolgende dagen aanwezig is. Ook hier zijn minimaal drie symptomen van manie aanwezig (vier bij uitsluitend prikkelbare stemming). Belangrijke verschillen met manie: er is geen ernstige ontregeling van het functioneren, opname is niet noodzakelijk en er zijn geen psychotische kenmerken. De verandering in functioneren moet wel duidelijk merkbaar zijn voor de omgeving.

Depressieve episode

De criteria voor een depressieve episode zijn in de DSM-5-TR identiek aan die bij de depressieve stoornis. Voor een uitgebreide beschrijving van deze diagnostische criteria wordt daarom verwezen naar de pagina Depressieve stoornis – DSM-5-TR. Bij bipolaire stoornissen komt een depressieve episode vaak voor, maar deze is niet noodzakelijk voor de diagnose bipolaire-I-stoornis. Voor de diagnose bipolaire-II-stoornis is daarentegen wel ten minste één doorgemaakte depressieve episode vereist.

Literatuur

American Psychiatric Association. (2022). Diagnostic and statistical manual of mental disorders (5th ed., text rev.; DSM-5-TR). American Psychiatric Publishing.

Manische episode


Een manische episode is een duidelijk afgrensbare periode van abnormaal en aanhoudend verhoogde, expansieve of prikkelbare stemming, gepaard gaand met een duidelijke toename van energie of activiteit. De symptomen duren minimaal één week (of korter wanneer opname noodzakelijk is). De episode leidt tot duidelijke beperkingen in sociaal of beroepsmatig functioneren, kan psychotische kenmerken bevatten of maakt opname noodzakelijk. De symptomen zijn niet het gevolg van middelengebruik of een somatische aandoening.Tijdens deze periode zijn minimaal drie van de volgende symptomen aanwezig (vier wanneer de stemming uitsluitend prikkelbaar is):

  • verhoogd gevoel van eigenwaarde of grootheidsideeën
  • verminderde slaapbehoefte
  • spraakzamer dan gebruikelijk of spreekdrang
  • gedachtevlucht of subjectief gevoel van versnelde gedachten
  • verhoogde afleidbaarheid
  • toename van doelgerichte activiteit of psychomotorische agitatie
  • overmatige betrokkenheid bij activiteiten met een hoog risico op negatieve gevolgen (bijv. impulsieve uitgaven, risicovol gedrag)

Hypomanische episode

Een hypomanische episode lijkt op een manische episode maar is milder van ernst. Er is een duidelijk afgrensbare periode van verhoogde of prikkelbare stemming en toegenomen energie of activiteit die minimaal vier opeenvolgende dagen aanwezig is. Ook hier zijn minimaal drie symptomen van manie aanwezig (vier bij uitsluitend prikkelbare stemming). Belangrijke verschillen met manie: er is geen ernstige ontregeling van het functioneren, opname is niet noodzakelijk en er zijn geen psychotische kenmerken. De verandering in functioneren moet wel duidelijk merkbaar zijn voor de omgeving.

Depressieve episode

De criteria voor een depressieve episode zijn in de DSM-5-TR identiek aan die bij de depressieve stoornis. Voor een uitgebreide beschrijving van deze diagnostische criteria wordt daarom verwezen naar de pagina Depressieve stoornis – DSM-5-TR. Bij bipolaire stoornissen komt een depressieve episode vaak voor, maar deze is niet noodzakelijk voor de diagnose bipolaire-I-stoornis. Voor de diagnose bipolaire-II-stoornis is daarentegen wel ten minste één doorgemaakte depressieve episode vereist.

Literatuur

American Psychiatric Association. (2022). Diagnostic and statistical manual of mental disorders (5th ed., text rev.; DSM-5-TR). American Psychiatric Publishing.