Logotherapie en existentiële analyse zijn ontwikkeld door de Joods-Oostenrijkse psychiater en neuroloog Viktor E. Frankl. Zijn benadering ontstond in de twintigste eeuw vanuit de overtuiging dat de mens niet alleen wordt gedreven door lust of macht, maar ook door een verlangen naar betekenis. Frankls werk wordt vaak de derde Weense school van de psychotherapie genoemd, na de psychoanalyse van Freud en de individualpsychologie van Adler.
Omschrijving
Logotherapie en existentiële analyse vormen twee nauw verbonden onderdelen van dezelfde benadering. Existentiële analyse richt zich op het verhelderen van iemands levenssituatie, waarden en bestaansvragen. Logotherapie is de therapeutische toepassing daarvan en helpt mensen om zich opnieuw te richten op wat in hun leven betekenisvol is. De therapie gaat ervan uit dat psychische klachten soms samenhangen met een verlies aan richting, betekenis of innerlijke verbondenheid met wat werkelijk belangrijk is. Anders dan therapieën die sterk teruggrijpen op het verleden, is logotherapie meestal meer gericht op het heden en op de vraag hoe iemand zich tot het leven en zijn omstandigheden kan verhouden. Volgens het Viktor Frankl Institute helpt deze benadering cliënten om factoren te herkennen en weg te nemen die hen belemmeren bij het realiseren van betekenisvolle doelen.
Werkingsmechanismen
Het werkingsmechanisme van logotherapie ligt in betekenisgeving, waardeverheldering en verantwoordelijkheid. De therapie gaat ervan uit dat mensen psychisch kunnen vastlopen wanneer zij hun leven niet meer als zinvol ervaren of geen richting meer voelen. Die existentiële frustratie kan samengaan met somberheid, leegte, hopeloosheid of verlies van motivatie.
Verandering ontstaat wanneer iemand opnieuw zicht krijgt op waarden, keuzes en mogelijkheden om zich op een betekenisvolle manier tot het leven te verhouden, ook wanneer omstandigheden moeilijk of onomkeerbaar zijn. Daarbij wordt de nadruk gelegd op vrijheid in houding en op verantwoordelijkheid voor hoe iemand antwoord geeft op wat het leven van hem of haar vraagt. Onderzoek naar meaning-centered en logotherapeutische interventies laat zien dat deze benaderingen kunnen bijdragen aan meer ervaren betekenis, kwaliteit van leven en vermindering van psychische klachten, al is de onderzoeksliteratuur heterogeen.
Techniek
Logotherapie is een gesprekstherapie die doorgaans direct, verhelderend en toekomstgericht is. De therapeut helpt de cliënt om vastgelopen betekeniskaders, waardenconflicten en existentiële vragen te onderzoeken. Daarbij ligt de nadruk minder op langdurige analyse van het verleden en meer op hoe iemand zich in het heden verhoudt tot verlies, lijden, schuld, verantwoordelijkheid, werk, liefde of sterfelijkheid.
Binnen de klassieke logotherapie horen ook specifieke technieken, zoals paradoxale intentie en dereflectie. Paradoxale intentie wordt gebruikt wanneer angst of spanning zichzelf versterkt, en nodigt de cliënt uit om juist datgene waarvoor hij bang is op een andere manier tegemoet te treden. Dereflectie richt zich op het loskomen van een te sterke zelfgerichtheid of fixatie op klachten. De techniek blijft echter altijd ingebed in het grotere doel van de therapie: het hervinden van betekenis en innerlijke richting.
Literatuur
- Frankl VE. (1988). The will to meaning: Foundations and applications of logotherapy.
- Frankl VE. (2004). On the theory and therapy of mental disorders: An introduction to logotherapy and existential analysis.
- Vos J et al. (2018). The effects of psychological meaning-centered therapies on quality of life and psychological stress: A meta-analysis. Psycho-Oncology.