De behandeling van premenstruele klachten is afhankelijk van de ernst van de symptomen, de mate van lijdensdruk en de impact op het dagelijks functioneren. Er wordt doorgaans gekozen voor een stapsgewijze aanpak, waarbij wordt gestart met minder intensieve interventies en zo nodig wordt opgeschaald naar medicamenteuze of specialistische behandeling.
Leefstijl en voeding
Bij milde klachten wordt vaak gestart met aanpassingen in leefstijl. Denk hierbij aan regelmatige lichaamsbeweging, voldoende slaap en een gezond voedingspatroon. Ook wordt vaak geadviseerd om het gebruik van alcohol, cafeïne en sterk bewerkte- of suikerrijke voeding te beperken. Hoewel deze adviezen veel worden toegepast en weinig risico kennen, is het wetenschappelijke bewijs voor een specifiek effect op PMS of PMDD beperkt. Wel is aannemelijk dat met name lichamelijke activiteit een positief effect heeft op stemming en energieniveau.
Supplementen en aanvullende middelen
Verschillende vitamines en supplementen zijn onderzocht bij PMS, waaronder vitamine B6, calcium, magnesium, zink en vitamine D. Voor calcium is de meeste ondersteuning gevonden, met aanwijzingen dat het zowel lichamelijke als psychische klachten kan verminderen. Voor andere supplementen is het bewijs wisselend en over het algemeen beperkt. Hoewel sommige studies een gunstig effect laten zien, ontbreekt overtuigend bewijs voor een consistente werking. Ook kruidenpreparaten en andere ‘natuurlijke’ middelen worden regelmatig gebruikt. Hoewel sommige middelen mogelijk klachten kunnen verlichten, is de kwaliteit van het onderzoek vaak laag en zijn de resultaten niet eenduidig. Het gebruik van supplementen of kruidenpreparaten kan daarom worden overwogen, maar wordt doorgaans niet gezien als een op zichzelf staande behandeling.
Antidepressiva
Selectieve serotonineheropnameremmers (SSRI’s) vormen een effectieve behandeling voor matige tot ernstige PMS en met name PMDD. Uit onderzoek blijkt dat SSRI’s zowel continu als alleen in de luteale fase kunnen worden gebruikt. Beide strategieën zijn effectief, en er is geen duidelijk verschil in werkzaamheid tussen deze behandelvormen. SSRI’s hebben vooral effect op stemmingsklachten zoals prikkelbaarheid, somberheid en angst, maar kunnen ook bijdragen aan vermindering van lichamelijke klachten. Er is geen duidelijke voorkeur voor een specifiek SSRI; de keuze wordt doorgaans bepaald door bijwerkingen, eerdere ervaringen en patiëntvoorkeur.
Psychotherapie
Cognitieve gedragstherapie (CGT) kan een waardevolle aanvulling zijn, met name bij vrouwen die gemotiveerd zijn voor psychologische behandeling. CGT richt zich onder meer op het herkennen en beïnvloeden van negatieve gedachten, het omgaan met stemmingswisselingen en het verbeteren van copingvaardigheden. Er zijn aanwijzingen dat CGT kan bijdragen aan vermindering van somberheid, angst en interpersoonlijke problemen, en kan helpen het algehele functioneren te verbeteren.
Hormonale suppressie
Bij ernstige en therapieresistente PMDD kan worden gekozen voor hormonale suppressie met GnRH-agonisten. Deze middelen onderdrukken de hormonale cyclus volledig, waardoor een kunstmatige menopauzale toestand ontstaat. Vanwege bijwerkingen, zoals botverlies en menopauzale klachten, wordt deze behandeling doorgaans gecombineerd met hormonale substitutietherapie en alleen toegepast onder specialistische begeleiding, meestal door een gynaecoloog.
Nieuwe en experimentele behandelingen
Er zijn nieuwe behandelingen in ontwikkeling die zich richten op de rol van progesteron en het metaboliet allopregnanolon. Middelen zoals dutasteride, sepranolon en ulipristalacetaat beïnvloeden respectievelijk de omzetting van progesteron of de werking van allopregnanolon op de GABA_A-receptor. De eerste onderzoeksresultaten zijn veelbelovend, maar deze behandelingen bevinden zich nog in de experimentele fase en maken nog geen deel uit van de standaardbehandeling
Literatuur
- Brakema LNM, Visser L. De premenstruele stemmingsstoornis. Psyfar. 2026;1.
- FMS. NVOG Richtlijn Premenstrueel syndroom (PMS). Premenstrueel syndroom (PMS). 2023. Accessed May 13, 2025. Via: https://richtlijnendatabase.nl/richtlijn/premenstrueel_syndroom/startpagina_-_premenstrueel_syndroom_pms.html
- Jespersen C, Lauritsen MP, Frokjaer VG, Schroll JB. 2024 Cochrane review Selective serotonin reuptake inhibitors for premenstrual syndrome and premenstrual dysphoric disorder. Cochrane Gynaecology and Fertility Group, ed. Cochrane Database Syst Rev. 2024;2024(8). doi:10.1002/14651858.CD001396.pub4
- Marjoribanks J, Brown J, O’Brien PMS, et al. Selective serotonin reuptake inhibitors for premenstrual syndrome. Cochrane Database Syst Rev. 2013;CD001396.
- Reilly TJ, Wallman P, Clark I, et al. Intermittent selective serotonin reuptake inhibitors for premenstrual syndromes: a systematic review and meta-analysis of randomised trials. J Psychopharmacol. 2023;37(3):261–267.
- Szpunar MJ, Freeman MP. Investigational Treatment of Depressive Disorders With Neuroactive Steroids: Potential Implications for Premenstrual Dysphoric Disorder. J Clin Psychiatry. 2021 Jun 8;82(4):20ac13853. doi: 10.4088/JCP.20ac13853. PMID: 34106531.