Wet zorg en dwang

De Wet zorg en dwang (Wzd) regelt wanneer onvrijwillige zorg mag worden toegepast bij mensen met een verstandelijke beperking of een psychogeriatrische aandoening, zoals dementie. De wet geldt wanneer het gedrag van iemand, als gevolg van deze aandoening, leidt tot ernstig nadeel voor de persoon zelf of voor anderen. Wanneer iemand meerdere aandoeningen heeft, is bepalend welke aandoening het gedrag en het ernstig nadeel veroorzaakt. Als het gedrag voortkomt uit een psychische stoornis, geldt de Wvggz. Als het samenhangt met een verstandelijke beperking of psychogeriatrische aandoening, geldt de Wzd.

Voor wie geldt de Wzd?

De wet kan van toepassing zijn ongeacht de manier waarop zorg wordt gefinancierd, bijvoorbeeld via de Wet langdurige zorg (Wlz), de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) of de Zorgverzekeringswet (Zvw). De Wzd is van toepassing op mensen met:

  • een verstandelijke beperking
  • een psychogeriatrische aandoening, zoals dementie
  • bepaalde gelijkgestelde aandoeningen, zoals het syndroom van Korsakov, de ziekte van Huntington of niet-aangeboren hersenletsel (NAH), wanneer er sprake is van vergelijkbare problematiek

Uitgangspunt: vrijwillige zorg

Het uitgangspunt van de Wzd is “nee, tenzij”. Zorg wordt zoveel mogelijk vrijwillig verleend. Onvrijwillige zorg is alleen toegestaan als het echt niet anders kan om ernstig nadeel te voorkomen. Daarbij moet steeds worden gezocht naar minder ingrijpende alternatieven.

Waar geldt de wet?

De Wzd geldt zowel binnen als buiten instellingen, bijvoorbeeld in verpleeghuizen, kleinschalige woonvormen of in de thuissituatie.De wet geldt niet voor informele zorg door ouders aan hun kind.

Opname

De Wzd regelt ook de gedwongen opname in een zorginstelling wanneer iemand zich daartegen verzet. In dat geval beslist de rechter over de opname.

Wat regelt de Wzd?

De wet beschrijft:

  • wanneer onvrijwillige zorg is toegestaan
  • hoe besluiten daarover zorgvuldig worden genomen
  • dat alternatieven eerst moeten worden onderzocht
  • dat de zorg regelmatig wordt geëvalueerd

Kinderen en jongeren

De Wzd is alleen van toepassing op minderjarigen met een verstandelijke beperking wanneer sprake is van onvrijwillige zorg. Bij jongere kinderen nemen ouders of voogden beslissingen over de zorg. Naarmate kinderen ouder worden, worden zij meer betrokken bij deze beslissingen. Gesloten jeugdzorg valt niet onder de Wzd, maar onder andere wetgeving.