Syndroom van Charles Bonnet

Meer informatie
No items found.

Het syndroom van Charles Bonnet (CBS) is een aandoening waarbij iemand levendige visuele hallucinaties heeft, terwijl er geen sprake is van een psychose, delirium of dementie. Het gaat meestal om mensen met verminderd zicht, die beelden zien die er in werkelijkheid niet zijn, maar die zich er tegelijkertijd van bewust zijn dat wat zij zien niet echt is. Het syndroom is genoemd naar de Zwitserse filosoof Charles Bonnet, die in de achttiende eeuw beschreef hoe zijn geestelijk gezonde grootvader, die slechtziend was, complexe visuele hallucinaties kreeg.

CBS werd lange tijd als zeldzaam beschouwd, maar wordt tegenwoordig waarschijnlijk vooral onderkend noch uitgevraagd. Onder mensen met slechtziendheid komt het duidelijk vaker voor dan in de algemene bevolking. In oudere studies werd bij slechtziende patiënten een prevalentie rond de 10–15% gevonden; recente systematische reviews laten zien dat de cijfers variëren afhankelijk van de onderzochte populatie en de gebruikte definitie, maar bevestigen dat het syndroom vooral voorkomt bij ernstige visuele beperking, hogere leeftijd en bilateraal visusverlies.  

Kenmerken

De hallucinaties bij CBS zijn meestal complex en gevormd. Mensen zien bijvoorbeeld gezichten, mensen, dieren, planten, gebouwen, patronen of complete scènes. Soms zijn de beelden stilstaand, soms bewegen ze. Ze kunnen klein of juist levensgroot zijn, kleur hebben of zwart-wit zijn, en kortdurend of juist hardnekkig terugkeren. Een belangrijk kenmerk is dat deze beelden meestal geen persoonlijke of symbolische betekenis hebben. Het zijn vaak merkwaardige of neutrale waarnemingen, zonder duidelijke emotionele boodschap. Dat onderscheidt CBS van veel psychotische belevingen. De duur en frequentie verschillen sterk. Sommige mensen hebben enkele seconden of minuten last van de beelden, anderen zien ze herhaaldelijk gedurende maanden of zelfs jaren. Vaak treden de hallucinaties eerder op bij weinig visuele prikkels, vermoeidheid, schemering of sociale isolatie.  

Diagnostische criteria

Er bestaan geen volledig uniforme internationale criteria, maar de kern van CBS is in de literatuur vrij consistent. Het gaat om: complexe visuele hallucinaties, intacte realiteitstoetsing, meestal in de context van verminderd zicht

Oorzaken

De precieze oorzaak is niet volledig opgehelderd, maar de meest geaccepteerde verklaring is een release-fenomeen. Door vermindering van visuele input, bijvoorbeeld door maculadegeneratie, glaucoom, cataract of andere oogaandoeningen, krijgt het visuele systeem minder normale prikkels aangeboden. Daardoor kunnen visuele hersengebieden als het ware spontaan beelden gaan genereren. Dat betekent niet dat iemand “in de war” is, maar eerder dat het brein bij gebrek aan input zelf waarnemingen produceert. In die zin lijkt CBS een beetje op een fantoomervaring van het zien. CBS kan niet alleen ontstaan door oogheelkundige aandoeningen, maar ook voorkomen bij schade ergens anders in het visuele systeem, bijvoorbeeld in de visuele banen of hersenen. Toch blijft visuele deprivatie de belangrijkste en meest klassieke context.  

Differentiaal diagnose

Psychose, dementie, delirium, epilepsie, migraine, middelengebruik of intoxicatie, ernstige slaapdeprivatie. Ook moet CBS onderscheiden worden van eenvoudiger visuele fenomenen zoals lichtflitsen, sterretjes, vlekken of fotopsieën, die meestal een andere oorsprong hebben, bijvoorbeeld in het netvlies. Het belangrijkste onderscheid met een psychose is dat mensen met CBS doorgaans weten dat wat zij zien niet echt is, en dat er meestal geen wanen, formele denkstoornissen of auditieve hallucinaties bij zijn.

Auditieve variant

Er zijn beschrijvingen van een soortgelijk release-fenomeen bij gehoorverlies, meestal in de vorm van muzikale hallucinaties of het horen van liedjes, melodieën of gezang zonder externe bron. Soms wordt dit een auditieve variant van Charles Bonnet genoemd. Toch is dit niet precies hetzelfde als het klassieke CBS. De terminologie is minder stabiel en in de praktijk wordt ook vaak gesproken van musical ear syndrome of muzikale hallucinaties bij gehoorverlies. Als dit optreedt, is het belangrijk om ook dan eerst andere oorzaken uit te sluiten, zoals neurologische aandoeningen, medicatie-effecten of psychiatrische problematiek.  

Behandeling

Er bestaat geen specifieke, bewezen medicamenteuze standaardbehandeling voor CBS. De belangrijkste interventies zijn meestal: uitleg en geruststelling, herkenning en normalisering, waar mogelijk: verbeteren van het gezichtsvermogen. Alleen al de uitleg dat het geen psychose of dementie hoeft te betekenen kan veel angst verminderen. Sommige mensen merken daarnaast dat de beelden afnemen wanneer de visuele input verbetert, bijvoorbeeld na een oogheelkundige behandeling zoals een staaroperatie of andere optimalisatie van het zicht.

Soms helpen ook eenvoudige gedragsmatige strategieën, zoals: veranderen van lichtinval, ogen bewegen of knipperen, aandacht verleggen, meer visuele of sociale prikkels opzoeken. Psychofarmaca hebben in het algemeen geen betrouwbare of goed onderbouwde plaats in de behandeling.

Literatuur

  • Christoph SEG et al.(2024). Epidemiology and phenomenology of the Charles Bonnet syndrome in low-vision patients. International Journal of Retina and Vitreous, 44(1), 375.
  • Jackson ML & Ferencz J. (2009). Charles Bonnet syndrome: A review. Current Opinion in Ophthalmology, 20(3), 219–222.
  • Kukstas C. (2019). Auditory Charles Bonnet syndrome: Case report. British Journal of General Practice, 69(684), 362–363.
  • Schultz G & Melzack R. (1991). The Charles Bonnet syndrome: Phantom visual images. Perception, 20(6), 809–825.
  • Subhi Y & Sørensen TL. (2020). The Charles Bonnet syndrome: A systematic review of diagnostic criteria. Current Treatment Options in Neurology, 21, 41.
  • Teunisse RJ. (2002). Complexe visuele hallucinaties bij slechtziende ouderen: Syndroom van Charles Bonnet. Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde, 146(2), 49–52.
  • Teunisse RJ, Cruysberg JRM, Hoefnagels WHL, Verbeek ALM & Zitman FG. (1996). Visual hallucinations in psychologically normal people: Charles Bonnet’s syndrome. The Lancet, 347(9004), 794–797.
  • Teunisse RJ, Cruysberg JRM, Verbeek ALM & Zitman FG. (1995). The Charles Bonnet syndrome: A large prospective study in The Netherlands. The British Journal of Psychiatry, 166(2), 254–257.
  • Vermeulen R, De Loecker D & Veeckman S. (2024). Muzikale hallucinaties: Variant van het syndroom van Charles Bonnet? Tijdschrift voor Psychiatrie, 66(10), 619–622.

Het syndroom van Charles Bonnet (CBS) is een aandoening waarbij iemand levendige visuele hallucinaties heeft, terwijl er geen sprake is van een psychose, delirium of dementie. Het gaat meestal om mensen met verminderd zicht, die beelden zien die er in werkelijkheid niet zijn, maar die zich er tegelijkertijd van bewust zijn dat wat zij zien niet echt is. Het syndroom is genoemd naar de Zwitserse filosoof Charles Bonnet, die in de achttiende eeuw beschreef hoe zijn geestelijk gezonde grootvader, die slechtziend was, complexe visuele hallucinaties kreeg.

CBS werd lange tijd als zeldzaam beschouwd, maar wordt tegenwoordig waarschijnlijk vooral onderkend noch uitgevraagd. Onder mensen met slechtziendheid komt het duidelijk vaker voor dan in de algemene bevolking. In oudere studies werd bij slechtziende patiënten een prevalentie rond de 10–15% gevonden; recente systematische reviews laten zien dat de cijfers variëren afhankelijk van de onderzochte populatie en de gebruikte definitie, maar bevestigen dat het syndroom vooral voorkomt bij ernstige visuele beperking, hogere leeftijd en bilateraal visusverlies.  

Kenmerken

De hallucinaties bij CBS zijn meestal complex en gevormd. Mensen zien bijvoorbeeld gezichten, mensen, dieren, planten, gebouwen, patronen of complete scènes. Soms zijn de beelden stilstaand, soms bewegen ze. Ze kunnen klein of juist levensgroot zijn, kleur hebben of zwart-wit zijn, en kortdurend of juist hardnekkig terugkeren. Een belangrijk kenmerk is dat deze beelden meestal geen persoonlijke of symbolische betekenis hebben. Het zijn vaak merkwaardige of neutrale waarnemingen, zonder duidelijke emotionele boodschap. Dat onderscheidt CBS van veel psychotische belevingen. De duur en frequentie verschillen sterk. Sommige mensen hebben enkele seconden of minuten last van de beelden, anderen zien ze herhaaldelijk gedurende maanden of zelfs jaren. Vaak treden de hallucinaties eerder op bij weinig visuele prikkels, vermoeidheid, schemering of sociale isolatie.  

Diagnostische criteria

Er bestaan geen volledig uniforme internationale criteria, maar de kern van CBS is in de literatuur vrij consistent. Het gaat om: complexe visuele hallucinaties, intacte realiteitstoetsing, meestal in de context van verminderd zicht

Oorzaken

De precieze oorzaak is niet volledig opgehelderd, maar de meest geaccepteerde verklaring is een release-fenomeen. Door vermindering van visuele input, bijvoorbeeld door maculadegeneratie, glaucoom, cataract of andere oogaandoeningen, krijgt het visuele systeem minder normale prikkels aangeboden. Daardoor kunnen visuele hersengebieden als het ware spontaan beelden gaan genereren. Dat betekent niet dat iemand “in de war” is, maar eerder dat het brein bij gebrek aan input zelf waarnemingen produceert. In die zin lijkt CBS een beetje op een fantoomervaring van het zien. CBS kan niet alleen ontstaan door oogheelkundige aandoeningen, maar ook voorkomen bij schade ergens anders in het visuele systeem, bijvoorbeeld in de visuele banen of hersenen. Toch blijft visuele deprivatie de belangrijkste en meest klassieke context.  

Differentiaal diagnose

Psychose, dementie, delirium, epilepsie, migraine, middelengebruik of intoxicatie, ernstige slaapdeprivatie. Ook moet CBS onderscheiden worden van eenvoudiger visuele fenomenen zoals lichtflitsen, sterretjes, vlekken of fotopsieën, die meestal een andere oorsprong hebben, bijvoorbeeld in het netvlies. Het belangrijkste onderscheid met een psychose is dat mensen met CBS doorgaans weten dat wat zij zien niet echt is, en dat er meestal geen wanen, formele denkstoornissen of auditieve hallucinaties bij zijn.

Auditieve variant

Er zijn beschrijvingen van een soortgelijk release-fenomeen bij gehoorverlies, meestal in de vorm van muzikale hallucinaties of het horen van liedjes, melodieën of gezang zonder externe bron. Soms wordt dit een auditieve variant van Charles Bonnet genoemd. Toch is dit niet precies hetzelfde als het klassieke CBS. De terminologie is minder stabiel en in de praktijk wordt ook vaak gesproken van musical ear syndrome of muzikale hallucinaties bij gehoorverlies. Als dit optreedt, is het belangrijk om ook dan eerst andere oorzaken uit te sluiten, zoals neurologische aandoeningen, medicatie-effecten of psychiatrische problematiek.  

Behandeling

Er bestaat geen specifieke, bewezen medicamenteuze standaardbehandeling voor CBS. De belangrijkste interventies zijn meestal: uitleg en geruststelling, herkenning en normalisering, waar mogelijk: verbeteren van het gezichtsvermogen. Alleen al de uitleg dat het geen psychose of dementie hoeft te betekenen kan veel angst verminderen. Sommige mensen merken daarnaast dat de beelden afnemen wanneer de visuele input verbetert, bijvoorbeeld na een oogheelkundige behandeling zoals een staaroperatie of andere optimalisatie van het zicht.

Soms helpen ook eenvoudige gedragsmatige strategieën, zoals: veranderen van lichtinval, ogen bewegen of knipperen, aandacht verleggen, meer visuele of sociale prikkels opzoeken. Psychofarmaca hebben in het algemeen geen betrouwbare of goed onderbouwde plaats in de behandeling.

Literatuur

  • Christoph SEG et al.(2024). Epidemiology and phenomenology of the Charles Bonnet syndrome in low-vision patients. International Journal of Retina and Vitreous, 44(1), 375.
  • Jackson ML & Ferencz J. (2009). Charles Bonnet syndrome: A review. Current Opinion in Ophthalmology, 20(3), 219–222.
  • Kukstas C. (2019). Auditory Charles Bonnet syndrome: Case report. British Journal of General Practice, 69(684), 362–363.
  • Schultz G & Melzack R. (1991). The Charles Bonnet syndrome: Phantom visual images. Perception, 20(6), 809–825.
  • Subhi Y & Sørensen TL. (2020). The Charles Bonnet syndrome: A systematic review of diagnostic criteria. Current Treatment Options in Neurology, 21, 41.
  • Teunisse RJ. (2002). Complexe visuele hallucinaties bij slechtziende ouderen: Syndroom van Charles Bonnet. Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde, 146(2), 49–52.
  • Teunisse RJ, Cruysberg JRM, Hoefnagels WHL, Verbeek ALM & Zitman FG. (1996). Visual hallucinations in psychologically normal people: Charles Bonnet’s syndrome. The Lancet, 347(9004), 794–797.
  • Teunisse RJ, Cruysberg JRM, Verbeek ALM & Zitman FG. (1995). The Charles Bonnet syndrome: A large prospective study in The Netherlands. The British Journal of Psychiatry, 166(2), 254–257.
  • Vermeulen R, De Loecker D & Veeckman S. (2024). Muzikale hallucinaties: Variant van het syndroom van Charles Bonnet? Tijdschrift voor Psychiatrie, 66(10), 619–622.