Het staken van antidepressiva kan leiden tot een syndroom van lichamelijke en psychische klachten, aangeduid als het antidepressivumdiscontinuatiesyndroom (ADS). Dit syndroom ontstaat door snelle veranderingen in neurotransmissie na dosisverlaging of abrupt stoppen van medicatie. ADS komt vooral voor bij middelen met een korte eliminatiehalfwaardetijd (T½), zoals paroxetine en venlafaxine, maar kan bij alle antidepressiva optreden, inclusief tricyclische antidepressiva. Middelen met een lange halfwaardetijd, zoals fluoxetine, geven minder vaak klachten doordat de concentratie geleidelijk afneemt. Daarnaast spelen een hogere dosering, langdurig gebruik en individuele gevoeligheid een rol. Klachten ontstaan meestal binnen enkele dagen na dosisverlaging of stoppen en verdwijnen vaak snel na herstart van het antidepressivum. Het optreden van nieuwe klachten na meer dan een week is minder waarschijnlijk en maakt een recidief van de onderliggende stoornis waarschijnlijker.
Klinisch beeld
De klachten bij het antidepressivumdiscontinuatiesyndroom zijn heterogeen, maar vertonen een herkenbaar patroon van somatische, neurologische en psychische verschijnselen. Ze ontstaan meestal binnen enkele dagen na dosisverlaging of stoppen. De klachten worden in de literatuur vaak samengevat als het FINISH-syndroom (Flu-like, Insomnia, Nausea, Imbalance, Sensory disturbances, Hyperarousal), maar in de praktijk is het beeld breder en variabel. Kenmerkend voor het discontinuatiesyndroom is dat deze klachten relatief acuut ontstaan na verandering van de medicatie en doorgaans snel verdwijnen na hervatten van het antidepressivum.
Somatische klachten hebben vaak een griepachtig karakter, met hoofdpijn, moeheid, spierpijn, koude rillingen en transpireren. Daarnaast komen gastro-intestinale klachten voor, zoals misselijkheid, braken, buikpijn, diarree en verminderde eetlust.
Neurologische en sensorische verschijnselen zijn kenmerkend en vaak richtinggevend voor de diagnose. Patiënten beschrijven duizeligheid, evenwichtsstoornissen en coördinatieproblemen. Daarnaast kunnen paresthesieën optreden, waaronder tintelingen en de typische elektrische schoksensaties (“brain zaps”). Ook visuele verschijnselen zoals pallinopsie (het lang aanhouden van nabeelden). kunnen voorkomen.
Slaapproblemen zijn frequent en bestaan uit inslaapproblemen, levendige dromen en nachtmerries.
Bewegingsstoornissen komen minder vaak voor, maar zijn beschreven, waaronder tremoren, acathisie, dystonie en in zeldzame gevallen parkinsonisme of katatonie.
Psychische symptomen bestaan uit angst, prikkelbaarheid, huilbuien en stemmingsklachten. Deze zijn vaak fluctuerend en kortdurend. In zeldzame gevallen kunnen ernstigere symptomen optreden, zoals (hypo)manie, hallucinaties, delier of paranoïde wanen.
Daarnaast kunnen cognitieve klachten voorkomen, zoals concentratieproblemen en geheugenstoornissen. Hartritmestoornissen en andere autonome verschijnselen zijn zeldzaam, maar beschreven.
Afbouwschema
Om ADS te voorkomen is geleidelijk afbouwen van antidepressiva aangewezen. In de praktijk betekent dit dat de dosis stapsgewijs wordt verlaagd over weken tot maanden, afhankelijk van het middel, de dosering en de gevoeligheid van de patiënt. Een lineaire afbouw, bijvoorbeeld met stappen van 25%, is vaak onvoldoende bij lagere doseringen. Recente inzichten pleiten voor een meer geleidelijke, hyperbolische afbouw, waarbij de stappen kleiner worden naarmate de dosis lager wordt. Dit sluit beter aan bij de relatie tussen dosis en receptorbezetting. Bij het optreden van klachten kan het zinvol zijn tijdelijk terug te gaan naar de laatst goed verdragen dosering en vervolgens langzamer af te bouwen.
Bron
- Fava GA, Gatti A, Belaise C, Guidi J, Offidani E. Withdrawal symptoms after selective serotonin reuptake inhibitor discontinuation: a systematic review.
Psychother Psychosom 2015;84:72-81. - Groot PC, Consensusgroep Tapering. Taperingstrips voor paroxetine en venlafaxine. Tijdschr Psychiatr 2013b;55:789-794.
- Haddad PM, Anderson IM. Recognising and managing antidepressant discontinuation symptoms. Advances in Psychiatric Treatment 2007;13:447-57.
- Horowitz MA & Taylor D. (2019). Tapering of SSRI treatment to mitigate withdrawal symptoms. The Lancet Psychiatry
- KNMP Praktische toelichting 'Afbouwen overige antidepressiva
- KNMP Praktische toelichting op het multidisciplinair document Afbouwen SSRI's & SNRI's