Psychotherapie kan worden ingezet bij lichte, matige en ernstige depressies. Bij lichte klachten wordt vaak eerst gestart met zelfhulp en basisinterventies. Bij een matig-ernstige of ernstige depressie wordt een combinatie van medicatie en psychotherapie aanbevolen.


Eerste keus psychotherapie
Er bestaan verschillende vormen van psychotherapie voor depressie, zoals cognitieve gedragstherapie (CGT), interpersoonlijke therapie (IPT), interpersoonlijke psychotherapie (IPT), mindfulness-based cognitieve therapie (MBCT), acceptance and commitment therapy (ACT), probleemoplossende therapie, psychodynamische therapie en life review therapy. Onderzoek laat zien dat deze behandelingen in grote lijnen vergelijkbare resultaten geven. Daarom wordt de keuze voor een specifieke vorm van psychotherapie niet alleen bepaald door effectiviteit, maar ook door de voorkeur van de patiënt, eerdere behandelervaringen, de aard en ernst van de klachten, de persoonlijke situatie, de expertise van de behandelaar en de beschikbaarheid van de betreffende therapievorm.
Cognitieve gedragstherapie wordt vaak als eerste overwogen. Dat komt mede doordat CGT breed beschikbaar is, zeer uitgebreid is onderzocht en een gunstig effect heeft op het verminderen van klachten en het voorkomen van terugval (duurzaamheid). In de Nederlandse richtlijn wordt daarbij verwezen naar een groot aantal onderzoeken waarin de effectiviteit van CGT is aangetoond. Ook internationaal geldt CGT als een belangrijke evidence-based behandeling voor depressie.
Gedragsactivatie, IPT en MBCT zijn eveneens geschikte behandelopties, vooral wanneer deze beter aansluiten bij de voorkeur van de patiënt of wanneer eerdere CGT onvoldoende effect had. ACT, probleemoplossende therapie, psychodynamische psychotherapie en life review therapy kunnen ook passend zijn, mits zij aansluiten bij de hulpvraag, de behandelgeschiedenis en de deskundigheid van de behandelaar. De NICE-richtlijn benadrukt eveneens dat behandelkeuzes samen met de patiënt moeten worden gemaakt, met aandacht voor voorkeuren, eerdere ervaringen, ernst van de depressie en praktische beschikbaarheid.
Schematherapie wordt bij depressie niet algemeen beschouwd als eerste-keusbehandeling en wordt in de Nederlandse richtlijn voor eerste-keuspsychotherapie bij depressie ook niet genoemd. Dat betekent niet dat schematherapie nooit zinvol kan zijn, maar de evidentie en internationale positie zijn minder sterk dan bij CGT, gedragsactivatie en IPT. Schematherapie kan vooral worden overwogen wanneer depressieve klachten samenhangen met hardnekkige persoonlijkheidspatronen, chronische interpersoonlijke problemen of comorbide persoonlijkheidsproblematiek. In zulke gevallen gaat het eerder om een behandeling van onderliggende kwetsbaarheden of comorbiditeit dan om een standaard eerste-keusbehandeling van een depressieve episode.
Niet-directieve, uitsluitend steunende gesprekken zonder gerichte behandelmethodiek worden bij depressie in het algemeen niet aanbevolen als behandeling van de acute depressieve episode. Steunend contact kan wel belangrijk zijn als onderdeel van goede zorg, maar is op zichzelf meestal onvoldoende wanneer sprake is van een depressieve stoornis waarvoor psychotherapie geïndiceerd is.
Wat doet psychotherapie?
Een depressie gaat vaak gepaard met negatieve denkpatronen, vermijding, terugtrekking en verlies van structuur. Deze factoren versterken elkaar en houden de klachten in stand. Psychotherapie richt zich op het doorbreken van deze vicieuze cirkels. Dat kan door het veranderen van gedachten en gedrag, het verbeteren van relaties, of het vergroten van inzicht in onderliggende patronen. Daarnaast biedt psychotherapie een veilige en gestructureerde context waarin gevoelens en ervaringen onderzocht kunnen worden. Veel behandelingen richten zich niet alleen op herstel van de huidige episode, maar ook op het verminderen van de kans op terugval.
Terugvalpreventie
Na herstel van een depressie kan aanvullende behandeling nodig zijn om terugval te voorkomen. Dit geldt vooral bij recidiverende depressie, restklachten, eerdere ernstige episodes of wanneer iemand antidepressiva wil afbouwen. Terugvalpreventieve psychotherapie is meestal kortdurend en gestructureerd. De behandeling richt zich op het herkennen van vroege signalen, het versterken van helpende vaardigheden en het maken van een concreet terugvalpreventieplan. Vooral preventieve cognitieve therapie (PCT), mindfulness-based cognitieve therapie (MBCT) en voortgezette cognitieve therapie zijn onderzocht als psychologische interventies na herstel. Bij een sterke wens om antidepressiva af te bouwen adviseert de Nederlandse richtlijn om PCT of MBCT gelijktijdig met de afbouw te starten. Niet iedereen heeft na herstel aanvullende psychotherapie nodig, maar bij een verhoogd risico op terugval is het belangrijk om deze mogelijkheid actief te bespreken.
Vaktherapie
Naast gesprekstherapie kan vaktherapie een waardevolle aanvulling zijn in de behandeling van depressie. Vaktherapie omvat behandelvormen zoals psychomotorische therapie, beeldende therapie, dramatherapie en muziektherapie. Deze therapieën richten zich niet primair op praten, maar op ervaren en doen. Ze kunnen helpen bij het vergroten van activiteit, het doorbreken van vermijding, het verbeteren van lichaamsbewustzijn en het opdoen van nieuwe ervaringen. Vaktherapie wordt meestal ingezet als aanvulling op psychotherapie of medicatie.
Literatuur
- American Psychiatric Association. (2022). Diagnostic and statistical manual of mental disorders (5th ed., text rev.; DSM-5-TR). American Psychiatric Publishing.
- Cuijpers P, Quero S, Noma H, Ciharova M, Miguel C, Karyotaki E, Cipriani A, Cristea IA, Furukawa TA. Psychotherapies for depression: a network meta-analysis covering efficacy, acceptability and long-term outcomes of all main treatment types. World Psychiatry. 2021 Jun;20(2):283-293. doi: 10.1002/wps.20860. PMID: 34002502; PMCID: PMC8129869.
- Cuijpers P, Karyotaki E, Reijnders M, Purgato M, Barbui C. Psychotherapies for depression in low- and middle-income countries: a meta-analysis. World Psychiatry. 2018 Feb;17(1):90-101. doi: 10.1002/wps.20493. PMID: 29352530; PMCID: PMC5775122.
- Driessen E, Hegelmaier LM, Abbass AA, Barber JP, Dekker JJ, Van HL, Jansma EP, Cuijpers P. The efficacy of short-term psychodynamic psychotherapy for depression: A meta-analysis update. Clin Psychol Rev. 2015 Dec;42:1-15. doi: 10.1016/j.cpr.2015.07.004. Epub 2015 Aug 1. PMID: 26281018.
- GGZ Zorgstandaard depressieve stoornissen
- Lemmens LH, Arntz A, Peeters F, Hollon SD, Roefs A, Huibers MJ. Clinical effectiveness of cognitive therapy v. interpersonal psychotherapy for depression: results of a randomized controlled trial. Psychol Med. 2015 Jul;45(10):2095-110. doi: 10.1017/S0033291715000033. Epub 2015 Feb 2. PMID: 25640151.
- Multidisciplinaire richtlijn depressie.